Wat zijn de belangen van de Nederlandse recreatievisser?
Schoon viswater
Bereikbaar viswater
Een goede visstand met kans op grote vis
Een grote verscheidenheid aan vissoorten

logo1.gif (9171 bytes)
Een bijdrage is welkom op IBAN: NL79 INGB 0002 5728 81 van H M Wiersma Dronryp

info@devisbond.nl

Lauwersmeer
Nu het IJsselmeer leeg is zijn de beroepsvissers op zoek naar ander viswater. Het Lauwersmeer, vergelijkbaar met het IJsselmeer ook een van de Waddenzee afgesloten riverdelta/binnenzee, is nu aan de beurt. Er wordt aan Urkers een vergunning afgegeven om op paling te vissen. De paling is een ernstig bedreigde diersoort die op het punt staat uit te sterven. Recreatievissers mogen deze vissoort niet bevissen of in hun bezit hebben op straffe van zware boetes. En dan wordt er vergunning verleent aan een paar beroepsmoordenaars, eh vissers, die met fuiken op paling mogen vissen. In de fuiken worden voor negentig procent andere vissoorten gevangen. De meeste dieren zijn dood of zo zwaar beschadigd dat ze het niet overleven. En dat noemen ze een duurzame visserij? Er is sprake van een grote onwetendheid bij zowel de vergunningverstrekkers als vergunninghouders. Paling is een bijzondere vis waarvan we nog maar heel weinig weten. Wat we weten is dat de aantallen dramatisch afnemen. En willen we de paling redden? Miljoenen jaren heeft het dier het gered zonder ingrijpen van de mens. De dodo is ook uitgestorven en zoveel andere dieren. Heeft het zin om de paling te redden? Wil de paling gered worden? Hoe dan ook we moeten stoppen met fuiken vissen op paling. Met kistjes vangt men uitsluitend paling. Met lijn en beaasde haak vangt men niet alleen paling maar ook andere vissoorten. Mits met een hengel gevist kan men ongewenste vissen levend weer terug zetten. Dat is een duurzame visserij. Recreatievissers verdienen het stempel duurzame visserij!
Namens DeVisbond, Hans Wiersma, Dronryp

De Pompemich nummer 71
De Pompemich nummer 70
De Pompemich nummer 69

De Pompemich nummer 68

De Pompemich nummer 67
De Pompemich nummer 56
De Pompemich nummer 57
De Pompemich nummer 58
De Pompemich nummer 59

Voorjaar 2014
Hoewel het de afgelopen dagen wel zomer leek zitten we nog steeds in het voorjaar. Ook in april hebben we warme dagen gehad. Zaterdag 26 april was zo’n warme voorjaarsdag. In een onogenlijk slootje tussen Harlingen en Zurich zien we tientallen paaiende karpers. We dachten dat karpers pas later in het jaar paaiden, als de dagen langer zijn en de temperatuur van het water hoger. Maar daar trekken deze vissen zich niets van aan. Als enkele dagen later de temperatuur daalt is het gedaan met de paaiactiviteit. Zondag 18 mei is het wederom warm weer en de karpers zijn weer aktief. Daar zitten toch drie weken tussen. Wat is er met de eerste lading kuit gebeurd? Of paaien de vissen meerdere keren? We weten het niet. In Nederland is de karper onder recreatievissers een populaire vis om te vangen vanwege zijn grote afmetingen en de kracht die het tentoonspreid als het gehaakt is. Als consumptievis staat de karper onder Nederlanders niet hoog aangeschreven. Dat is in andere landen wel anders en migranten in Nederland uit die landen weten de vis wel culinair te waarderen.

paaiende karper.jpg (39318 bytes)
Foto van Simon van der Veen.

De karper.
De karper (Cyprinus carpio carpio) is rond de Middeleeuwen in Nederland ingevoerd. Alle karpers zijn gekweekt of nakomelingen van kweekkarpers. In Nederlandse wateren komen van de karper vier verschillende beschubbingstypen voor; schubkarper, spiegelkarper, rijenkarper en naaktkarper.
De koikarper is een kweekvariant van de gewone karper. De Japanse wilde karper (Cyprinus carpio rubrofuscus) wordt voor de veredeling gekruist met een Europese spiegelkarper en zo ontstaat een hybride met een onregelmatig schubbenpatroon.
Verder zwemmen er bij ons de graskarper (Ctenopharyngodon idella), de zilverkarper (Hypophthalmichthys molitrix), de grootkopkarper (Aristichthys nobilis), de kroeskarper (Carassius carassius) en vissen die veel op de karper lijken, de giebel of wilde goudvis (Carassius gibelio) en de goudvis (Carassius auratus auratus)
Er bestaat een sterke consensus over het oorspronkelijke leefgebied van de karper. Dat is het gebied rond de Zwarte Zee, de Kaspische Zee en het Aral Meer. Vooral in de delta's van Donau, Illi en de Oeral komt de karper veel voor. Vandaar heeft de karper zich al dan niet met behulp van de mens verspreid van de delta van de Rijn tot aan de Amoer in Noord China en is er een oostelijke en een westelijke ondersoort ontstaan.
Recent genetisch onderzoek heeft aangetoond dat de boerenkarper een wilde karpersoort is die gerekend kan worden tot de wilde Europese karper.
Er is geen zekerheid over de manier waarop wilde karpers het Rijnstroomgebied hebben weten te bereiken. Oorspronkelijk werd gedacht dat de karpers door de Romeinen en later de kloosterlingen ingevoerd zijn. Gezien de lange periode tussen het begin van de Romeinse visteelt en de eerste vondsten van karper in de twaalfde eeuw zou het voor de hand liggen dat de boerenkarpers dan sterke gelijkenis zouden vertonen met de kweekkarpers die we nu kennen en niet met wilde karper. Genetische en morfologische eigenschappen weerspreken dat. Het meest waarschijnlijk is dat wilde karper uit de Donau via onbekende weg ergens in de Middeleeuwen het Rijnstroomgebied heeft weten te bereiken en zich via de rivier verder heeft verspreid.
In Nederland en BelgiŽ wordt karper doorgaans niet gegeten, de vis heeft een karakteristieke smaak en is moeilijk te ontbenen. In grote delen van Centraal-Europa (in het bijzonder Polen en Hongarije) wordt de karper wel gegeten. De vis wordt verwerkt in vissoep of in moten gepaneerd en gebakken. Ook in Oost-AziŽ is de vis populair.

Karper, varken onder de vissen
Als je in Nederland het woord karper laat vallen is dat vaak aanleiding tot verhalen over hengels, haakjes en het daarmee gepaard gaande visserslatijn. Maar spreek je de naam van deze vis uit in een willekeurig Midden-Europees land, dan krijg je heel andere verhalen te horen. Verhalen vol weemoed, trots en traditie. Met glanzende ogen vertelt men over grootvaders, over de badkuip, dat je met kerst karper moet eten, dat het zo lekker is en dat je er haast een hele dag voor nodig hebt om zo'n grote vis schoon te maken.

Vis op reis
In Midden- en Oost-Europa neemt karper dus nog steeds een belangrijke plaats in op het menu. Sommige soorten zijn inheems en andere soorten zoals de edelkarper, boerenkarper en spiegelkarper werden onder meer verspreid door de Romeinen, vanaf de middeleeuwen ook door de joden. Vanuit Klein- Azie en de gebieden rond de Zwarte en Kaspische zee werden karpers overal naar toe gesleept. De vissen kunnen wel tegen een stootje en dus makkelijk in met water gevulde tanks worden verplaatst. Vanaf de middeleeuwen, maar vooral vanaf het begin van de zeventiende eeuw ontstond er een lucratieve handel in karper en ging men zelfs specifiek voor de consumptie geschikte karpers kweken. Adel, landheren en handelslui lieten overal in Midden-Europa grote kweekvijvers aanleggen en rivieren aftakken. In de daardoor ontstane stille wateren konden de karpers lekker worden vetgemest. En zo ontstond een vrij onschuldige voorloper van de bio-industrie.

Heilig zoetwatervarken
In christelijke kringen heeft vis een religieuze betekenis. Daar hebben Jezus en z'n favoriete vismaatjes voor gezorgd. Op vastendagen moet er vis gegeten worden. Kerstavond is zo'n vastenavond. Om religieuze redenen dus, maar ook uit praktisch oogpunt wordt er in Midden-Europa vaak voor karper gekozen. De vis is makkelijk te kweken en het hele jaar verkrijgbaar. Bovendien levert de vis een hoog rendement, want er zit flink veel vis tussen de graten
Maar de karper staat ook voor status en rijkdom. Een grote glanzende schub van de karper in je portemonnee, of onder het bord tijdens het kerstdiner, zou je kunnen vrijwaren van financiŽle zorgen. Alle soorten vis mogen gegeten worden op kerstavond, maar met tien man aan tafel rond een forelletje of haring maakt men geen indruk. Dus komt er karper op tafel.

In Praag, maar ook in veel andere Midden-Europese steden staan in de week voor kerst grote kuipen met karpers op straat. De karper naar keuze wordt er, vastgehouden met een doek, haast op rituele wijze geslacht. Ook schijnt het in sommige families gebruikelijk te zijn, wanneer zij een nog wel levende kerstkarper mee naar huis nemen, deze een koosnaampje te geven. Karl, Pepa of Jiri mag zich zelf dan nog een paar dagen schoon spoelen in de badkuip en de kinderen krijgen alvast een lesje in onthechtingsproblematiek. Want dood moet de lieve karper natuurlijk wel.

Bij de Polen is het karpergerecht een van de allerbelangrijkste gerechten op kerstavond. Groente, boekweit, vis en paddestoelen, de hele maaltijd is vleesloos. De karper neemt hier bijna de plaats in van een feestelijk gebraad. Alsof het klein wild betreft, in bier gestoofd. Maar soms ook wat eenvoudiger, net als in TsjechiŽ; in moten gesneden, gepaneerd en gebakken.
Als je trouwens in TsjechiŽ op kerstavond, tijdens het karper eten, een visioen van een vet varkentje voor ogen krijgt, dan mag je grote rijkdom in het daarop volgende jaar verwachten. Het is natuurlijk niet zo vreemd dat een mens visioenen van varkensvlees krijgt na vier volle Adventsweken vasten. Want als je weet dat het in de afgelopen herfst geslachte varken, verdeeld in hammen, worsten en ribben hangt te wachten in de schuur, dan kun je tegen de kerst geen vis meer zien. Maar mensen zijn pragmatische dieren. Volgens een recept uit de zeventiende eeuw voor 'Fischschinken', niet per se een kerstgerecht maar voor alle vastentijden, wordt de huid van een karper gevuld met zijn eigen fijngehakte vlees, aangevuld met paling en zalm en zo bereid tot het uiteindelijk op een sappig glanzend gerookte ham lijkt. De karper benadert op deze manier bijna de status van vetgemest varken. En de hammen in de schouw, van het echte varken, hoeven tenminste nog niet zo snel te worden aangesproken.
Welk Europees volk met het op deze manier bereiden van vis begonnen is, valt niet precies te achterhalen. Want eeuwenlang hebben Slavische volken, Duitsers, Hongaren, joden en christenen elkaars keukens beÔnvloed. En allemaal eten zij graag karper. Voor de kosjere joden heeft de karper natuurlijk niets van doen met het varken. Hoewel 'gefilte fish' wel erg lijkt op de eerder genoemde 'Fischschinken'. Ook hier wordt een vissenhuid gevuld met fijngehakt visvlees. Net als bij de christenen heeft het eten van vis bij hen een religieuze betekenis. Op de joodse vastenavond bij uitstek, de sabbat, staat vis zelfs gelijk aan de komst van de Messias. De karper heeft hier wederom een hoge status. Rijke joden eten vaak 'gefilte fish' van karper, terwijl de armen het met goedkopere vis moeten stellen.

Karpersoep
Het hele jaar door is verse karper in Hongarije verkrijgbaar. De vis is hoofdbestanddeel van een heerlijke vissoep, de halŠszlť. In visrestaurants en herbergen in gebieden rond meren en rivieren, staat deze soep bijna altijd op de kaart. Ook thuis maken mensen deze soep graag. Op markten bij de eetstalletjes en bij visstallen kun je vaak gepaneerde en gebakken moten karper krijgen. Om meteen warm op te eten, of in papier voor mee naar huis. Op deze markten is er trouwens voor dierenbevrijdingsactivisten nog een boel werk aan de winkel. Bij de visstallen liggen de karpers bovenop elkaar, in grote glazen kuipen gevuld met troebel water. Nog net niet dood, maar ook niet echt vrolijk spartelend in hun eigen soepje. Nu kan men dat glas natuurlijk stuk slaan, om onze menselijke vrijheid met hen te delen, maar in tegenstelling tot bontmarters en hermelijntjes kunnen karpers niet zelfstandig over straat. Een andere bevrijdingstactiek bedenken dus. Of gewoon de traditie laten zoals hij is en de nieuwe regels van de EU aan de laars lappen.

De kracht van karper
Tot het begin van de twintigste eeuw stond hier in Nederland karper ook op het menu. Op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam worden nog wel af en toe karpers verkocht. Niet levend vanuit kuipen, maar keurig netjes van tevoren doodgemaakt. De Chinezen en Slavische Amsterdammers komen ze kopen. Een Nederlandse visser denkt als hij die beesten ziet, slechts aan de slootkant waarop de karper naar lucht heeft liggen happen. Om daarna, voor een andere sportieve visser teruggegooid, aan de volgende hengel zijn krachten te mogen tonen. Misschien moest de dappere hengelaar dat maar eens laten en deze supervis mee naar huis nemen. Jantje, Kees of Pietje mag dan lekker nog een paar dagen in bad. Gebakken in moten of gestoofd in zijn geheel, kan hij daarna alle tafelgenoten fijn begeleiden naar een rijk en zorgeloos nieuw jaar.

Van wie is de vis in het IJsselmeer?
Dronryp, 7 maart 2014
De commissie toekomst IJsselmeervisserij stelt voor om drie jaar lang geen visserij toe te staan op het IJsselmeer. Al tientallen jaren wordt er gesproken over de overbevissing op het IJsselmeer. Onderzoeksbureau Imares doet al jarenlang onderzoek naar de visstand in het IJsselmeer en constateert de laatste jaren dat er slechts nog eenjarige vis in de plas voorkomt. De rest is volledig met netten weggevist. De palingvangsten zijn drastisch verminderd en daardoor hebben de beroepsvissers andere vissoorten als voorn en brasem gezocht om op te vissen totdat ook die op waren. Zelfs de pos, een visje dat 25 centimeter groot kan worden, moest er aan geloven. En nu de plas leeg is moet de recreatievisser boeten voor de misstanden die begaan zijn door de beroepsvissers die met hun tienduizenden netten niet alleen de vis vangen die ze willen vangen maar ook heel veel bijvangst, waaronder zeldzame en beschermde vissoorten en heel veel ondermaatse vis die veelal ten dode is opgeschreven. Recreatievissers worden zwaar beboet als ze beschermde of ondermaatse vis in hun bezit hebben of met levende vissen vissen. In de netten sterven dagelijks tienduizenden vissen een gruwelijke dood.
Bovendien mag de vangst op de ernstig in zijn voorbestaan bedreigde paling gewoon doorgaan. En die paling wordt gevangen in fuiken waar er ook nog steeds tienduizenden van zijn en ook die vangen gewoon alles op wat er in zwemt. Het is zelfs zo dat 90% van de vangst in een fuik niet de beoogde paling is maar bijvangst… Heel veel ondermaatse vis, zeldzame en beschermde soorten en duikende vogels. Er is maar een manier van gericht op paling vissen en dat is met kistjes. Hier worden alleen palingen in gevangen en de bijvangst is nihil. DeVisbond stelt dat alle netten moeten verdwijnen uit het IJsselmeer en niet voor drie jaar maar voor altijd. Als het IJsselmeer zich herstelt kan het een toplokatie worden voor recreatievissers uit geheel Europa en zelfs buiten Europa. Met de plannen voor het meer ruimte geven aan migrerende vissoorten zoals een getijden rivier in de afsluitdijk zou er in de toekomst weer zeeforel en zalm gevangen kunnen worden. Bovendien vindt DeVisbond dat de recreatievisser niet gestraft mag worden voor de wandaden van een kleine groep beroepsvissers. Met een hengel is het onmogelijk een water kapot te vissen. Veel recreatievissers zetten bovendien hun vangsten weer terug dus die hebben sowieso geen invloed op het bestand aan vis. Recreatievissers zijn er niet de schuld aan dat het IJsselmeer leeg is maar moeten daarvoor wel de prijs betalen? Jaarlijks komt er bij de sportvisserij Nederland zo’n 35 miljoen euro binnen. Geld dat gebruikt wordt voor onderzoek, voorlichting, beheren van viswateren en het uitzetten van vis. Uitgezette vissen die vervolgens door de beroepsvissers weer worden onttrokken. DeVisbond vindt het dan ook totaal onbegrijpelijk dat sportvisserij Nederland (Fryl‚n) aan deze plannen meewerkt.

Workum 12 december 2013
Simon, Sjaak en ik gaan vissen in de sluiskom van Workum. De laatste dagen zijn de vangsten goed geweest. Af en toe grote blankvoorns, windes en baarzen. Ook veel ondermaatse snoekbaarzen, baarzen en roofbleien. Het waait matig uit het zuidwesten en af en toe laat de zon zich zien. Het is een graad of 6. Omdat er in de sluiskom af en toe goed gevangen wordt zijn er altijd wel recreatievissers te vinden. Als we aankomen bij de sluiskom zien we echter een viskotter liggen. Het zal toch niet waar zijn? Is er hier eindelijk weer een visje te vangen na de massale moordpartij van vorig jaar, waarbij er meer dan dertigduizend kilo veelal ondermaatse en ook bedreigde en beschermde vissoorten werden afgeslacht, liggen ze alweer klaar om opnieuw de sluiskom leeg te trekken. Verontwaardigd stapt Simon de auto uit om verhaal te halen bij de twee vissers die aan boord zijn. Het blijkt echter een garnalenkotter die op de Waddenzee vist. De ene beroepsvisser is over de zeventig jaar oud en vanaf z’n veertiende al visserman. De andere visser is een jaar of dertig. Eerst zijn ze nogal verontwaardigd over de misvatting van Simon maar het blijkt al snel dat ze zelf ook recreatievissers zijn. Ze weten zelfs welke beroepsvisser stelselmatig de Friese IJsselmeerhavens leeg trekt en vinden het ook belachelijk. Ze hebben de betreffende beroepsvisser hier regelmatig op aangesproken maar die beroept zich op een vergunning die door de betreffende gemeente wordt afgegeven.
Het komt er dus op neer dat de gemeenten die de vergunningen verlenen schuldig zijn aan de vernietiging van complete visbestanden. Waar recreatievissers zwaar bestraft worden voor het in bezit hebben van ondermaatse vis, beschermde vis of het vissen met levend aas, staan de gemeenten toe dat er massaal ondermaatse en beschermde vissoorten worden vernietigd.
DeVisbond roept de betreffende gemeenten, en dan met name de Gemeente Sķdwest Frysl‚n op geen vergunningen meer te verlenen aan de broepsvisser(s) die willens en wetens ondermaatse en beschermde visbestanden uitmoorden.
Namens DeVisbond,
Hans Wiersma

Een plas vol herinneringen.
Nederland heeft eigenlijk geen plassen water die men meren zou kunnen noemen. De meeste plassen water die we hier meren noemen zijn ontstaan door ingrijpen van de mens. Hetzij door indijking, hetzij door afgraving van steen, zand of turf.. De meeste van deze plassen zijn beperkt van omvang en van geringe diepte. Het Nannewiid is zo'n plasje water ontstaan door afgraving van turf. Het Nannewiid is een veenpolderplas en natuurgebied nabij het dorp Oudehaske, ten westen van Heerenveen. Ik ben geboren in Heerenveen en heb veel mooie herinneringen aan dit plasje water. Simon van der Veen en ik gaan op bezoek bij Hans van Meerendonk die aan het Nannewiid woont en een bootje tot zijn beschikking heeft. Op het Nannewiid is mechanische scheepvaart verboden. Op woensdag 11 september zijn we om 12.15 uur bij Hans. We drinken koffie en zijn daarna van plan om een rondje op de plas te maken. De weersvoorspellingen lijken goed en ook de buienradar laat droog weer zien. Hans heeft bij wetterskip Frysl‚n gewerkt en is betrokken geweest bij het herstellen van het ecologische evenwicht in dit natuurgebied, en het verbeteren van de de situatie voor recreatie en sport- en beroepsvisserij en het weer helder krijgen van het water. In de jaren 1993-1995 is men begonnen met baggeren en het wegvangen van de brasem, die door hun gewoel in de bodem het water dik maken en de voedingstoffen steeds opnieuw in omloop brengen.. Het waterpeil is verlaagd en er wordt schoon water aangevoerd vanuit de Tsjonger of Kuinder, een riviertje dat in de buurt ligt. Het water uit de Tsjonger wordt langs uitgestrekte rietvelden geleid en komt gezuiverd via de Rotsterfeart in het Nannewiid terecht. Het Nannewiid is verder afgesloten van de Friese boezem. Het plasje heeft een oppervlakte van 100 ha., met de randen erbij, die veel natuurwaarden bevatten, 115 ha. Het bestaat uit open water, rietland, struwelen, broekbos en schraalgraslanden. De gemiddelde diepte bedraagt ca 80 cm. en de grotere plas heeft een niet doorvaarbare verbinding met een aan de westkant gelegen kleinere plas, het "Kleine Wiid" (ca 20 ha). Het waterniveau is 105 cm beneden NAP terwijl de Friese boezem een waterniveau heeft van 52 cm beneden NAP. Er is ťťn beroepsvisser in het gebied actief. Verder is het belangrijk als recreatiegebied (zwemmen, surfen, zeilen, vissen en schaatsen) en als broedgebied en pleisterplaats voor diverse (water-)vogels. De plas is grotendeels in handen van Staatsbosbeheer.

Het is droog als we naar de boot van Hans lopen. We stappen in en varen met de elektromotor de plas op. Donkere luchten naderen als we op open water zijn. Er vliegen twee zilverreigers over en we hebben de hele plas voor onszelf. Wat opvalt is dat het water op de plas niet heel helder is, maar Hans weet te melden dat het erger is geweest. We varen langs een steiger en ik herinner me dat ik daar met vriendjes en vriendinnetjes zwom toen ik een jaar of tien was. Dat moet in 1970 geweest zijn. Het water was toen helder en we konden de bodem en grote scholen kleine vis zien. Halverwege zien we achter ons een witte baan van water aankomen. We gaan tegen het riet liggen om zo het ergste water te ontwijken. Als we al half nat zijn haalt Hans het dekzeil tevoorschijn waaronder we schuilen. Als de bui over is varen we weer verder.
"Hier zijn we met de zeilboot van mijn vriend omgeslagen, we konden hier staan en zo de boot weer overeind krijgen. Ik herinner me dat er een vis tegen mij aanzwom.", weet ik te melden. In de jaren zeventig viste ik hier regelmatig op snoekbaars met mijn vader. We roeiden de plas op en een stuk beton met een stuk touw moest ons op de stek houden. We visten met een levend aasvisje onder een dobber en zaten uren achtereen naar de dobber te turen. Ik herinner me een dag vissen zonder aanbeten. Op de terugweg zag en hoorde mijn vader bij het riet een vis.
"Dat is een snoekbaars.", zei mijn vader opgewonden en gooide zijn dobber met visje in de richting van de vis. Het duurde niet lang of het aasvisje werd gegrepen. Vader wachtte even en sloeg aan. Een grote snoekbaars had de aasvis gegrepen. Even later lag de grote vis in de boot. Wat zag die er vervaarlijk uit! Die tanden en die kwade blik in de glazige ogen. Ik was er bang voor en ging zover mogelijk van de snoekbaars vandaan zitten. Vader was natuurlijk erg in zijn nopjes met deze vangst en was in gedachten al bezig met het bereiden van de vis. Hij had de vis nog niet onthaakt en deze zat dus nog aan de lijn. Bij de oever aangekomen wilde hij de vis op de wal gooien maar stond daarbij op de vislijn. De vis zweefde een ogenblik boven de wal maar werd abrupt afgeremd door de vislijn en kwam weer onze kant op zeilen en belandde tussen wal en schip. De lijn was gebroken en we hebben de vis nooit weer gezien. Wat was mijn vader teleurgesteld. Had ik maar niet zo bang moeten zijn voor de vis!
Inmiddels varen we voor het paviljoen langs. Er staan zomerhuisjes en stacaravans. Men kan hier roeibootjes en kano's huren. Even later staan we weer op de wal. Daar waar het bootje van Hans ligt is het water een stuk helderder dan op de plas zelf. We drinken nog een bak koffie en danken Hans voor zijn gastvrijheid. Simon en ik besluiten nog even te gaan vissen. Simon heeft een streamerhengel en een vliegenlat met een kleine goudkopnimf klaar liggen. Het paviljoen is dicht en we eten in de auto een broodje. Dan rijden we de naar plaats waar het schone water de plas binnen komt. Hier kunnen ook windsurfers het water op. We zien een vrouwelijke surfer die wat onhandig probeert te zeilen. Het water van de Rotsterfeart is glashelder maar zodra het in aanraking komt met het Wiid is het weer dik. De scheiding tussen helder en dik water is heel duidelijk zichtbaar. We vragen ons af hoe dat kan. In de Rotsterfeart zien we vissen. Met een nimfje weet Simon een kleine blankvoorn te vangen. We zien de vissen achter het nimfje aankomen maar pakken doen ze niet. Met de streamer vis ik vervolgens een stuk van de Rotsterfeart af op zoek naar snoek. De sloot is pas geschoond en ik heb dus alle ruimte maar weet geen snoek te verleiden. Even later verwisselen we van hengel en weet ik ook een paar kleine blankvoorns te vangen. Op de plas zelf heeft Simon geen succes met de streamer. Wel treft Simon de surfster die voor zijn ogen zich van haar surfpak ontdoet… Dat treft hij dan wel weer!
We gaan weer terug naar het paviljoen en lopen de camping op. Simon heeft de streamerhengel meegenomen en vanaf een steiger werpt hij tussen het riet. Na de derde worp zit zijn streamer vast in het riet en na een paar keer hard rukken knapt de leader af. 'We kunnen dat stuk leader en de vlieg niet laten zitten, straks raakt een vogel erin verstrikt. Jij moet je waadpak aandoen en het eruit halen.", zegt Simon. "Waarom moet ik dat doen?", vraag ik. "Nou anders wordt mijn waadpak nat!" Nou ja, vooruit dan maar. Ik trek mijn waadpak aan, stap het water in en haal de leader met streamer uit het riet. De bodem is vlak en hard en het water komt tot aan mijn kruis. We besluiten het voor gezien te houden maar komen zeker nog een keer terug.

Wat mij is opgevallen is dat er in al die jaren niet veel veranderd is aan de plas, behalve dan dat het water een stuk dikker is dan in mijn jeugdjaren. De plas is volledig doorwaadbaar, heeft een harde bodem en het is nergens dieper dan een meter. Het visbestand bestaat onder andere uit snoekbaars, snoek, brasem, blankvoorn, baars en paling. Bij het paviljoen en de surfplaats zijn parkeermogelijkheden. Er is geen trailerhelling, maar bootjes en kano's zijn er wel te huur. Bovendien kan men al wadend de gehele plas bevissen.
Hans Wiersma

Lustrumnummer De Pompemich

De Pompemich nummer 66

De Pompemich nummer 65

Help mee onze visbestanden te beschermen en maak een gift over op 2572881 van H M Wiersma Dronryp
Uw gift wordt onder andere gebruikt voor het instandhouden van de website en het continu aandacht vragen voor onze vissen middels publicaties in de landelijke en regionale (dag)bladen.

Rectificatie
Vandaag 21 november 2012 ben ik gebeld door mevr. Poepjes, de moeder van de vergunninghouder van de WON77. Ze heeft mij verzocht onderstaande informatie te rectificeren. De WON77 heeft in de jachthaven van Makkum, naar haar zeggen, niet met staand want gevist. De kotter lag er wel maar was niet aan het vissen. Ze heeft wel een vermoeden wie het zijn maar gaat haar eigen mensen niet noemen. De vissers die in de havens vissen (wie dat zijn weten we inmiddels) pachten dit water bij de gemeente SudwestFryslan waaronder Makkum valt.
Nader onderzoek heeft uitgewezen dat de de gemeente SudwestFryslan, die 'eigenaar' is van het water, vergunning heeft verleend aan WON37 en WON38 om te mogen vissen. Vissen, net als alle andere dieren kennen de wetten van de mensen niet. De vissen trekken net als vogels naar die gebieden waar ze kunnen overwinteren, om in het voorjaar weer terug te keren. De vissen die overwinteren in de IJsselmeerhavens keren nimmer terug naar hun paaigronden. DeVisbond vraagt bij de gemeente SudwestFryslan om opheldering maar tot nu toe wordt er niet gereageerd. Bij eerder telefonisch contact wist de betreffende ambtenaar te melden dat de ambtenaren die de vergunning uitgeven niets weten van het onderwaterleven en nodig eens 'op cursus' moeten. Uiteraard op kosten van de belastingbetaler... En dit speelt al zo'n slordige twintig jaar.

En het stropen blijft maar doorgaan

13 november 2012 in de plezierjachthaven van Makkum. Een viskotter zet staand want uit. Met een sloep van de WON 37 (te zien op de foto), wordt het want weer binnengehaald. Uit het geplaatste want komt niet alleen brasem en kolblei, maar ook baarzen van boven de veertig centimeter, tientallen mooie snoekbaarzen, en schrik niet (op een stuk van ca.400 meter) welgeteld 22 prachtige snoeken.
Overbodig om te melden dat geen enkele vis wordt teruggezet.
Recreatievissers riskeren grote boetes als ze betrapt worden met een snoek in hun bezit. Deze vergunninghouders mogen ongestoord hun stroperswerk voortzetten. Dat ze zich daarbij niet aan de regels houden lappen ze aan hun kaplaarzen. Staand want mag niet binnen 25 meter van de oever geplaatst worden. In de jachthaven van Makkum is het onmogelijk om het vistuig 25 meter uit de oever te plaatsen. Een grove overtreding van de verleende vergunning en die vergunning zou derhalve onmiddellijk moeten worden ingetrokken.
De vergunning om met staand want te vissen in een verleend aan de WON 77 en de HL-006 is hier in te zien, wees gewaarschuwd want het is een document van 30 pagina’s.
In grote lijnen heb ik het document doorgelezen en wat mij opvalt is dat er geen enkel mededogen is met de vissen. Noordse woelmuizen, zaagbekken en groenknolorchissen worden beschermd. Over de vissen wordt nauwelijks gerept. De rivierdonderpad komt nog even aan bod maar schijnt een ‘onder’soort te zijn van de uiterst zeldzame donderpad die in snelstromend water voorkomt. De spiering wordt vermeld als een belangrijke voedselbron voor verschillende watervogels. De snoek, de brasem, de baars zijn voedselbron voor de mensen in het buitenland. Nederlanders eten geen brasem en snoek. Geen spiering geen pos geen voorn geen baars. Sterker nog, het wordt ons als Nederlandse recreatievissers meer en meer verboden om deze vissen te vangen en te eten.

Wanneer komt er aan deze ongelijkheid een einde?
Wie beschermt de belangen van de vissen?
Wie komt er op voor de mens die gedeeltelijk afhankelijk is van het voedsel dat hij vindt, verzamelt en vangt?

 Makkum13112012_2.jpg (12719 bytes) Makkum13112012_1.jpg (15182 bytes) Makkum13112012_3.jpg (13840 bytes)

Een van deze vissers is ook werkzaam voor Educatief IJsselmeervissen, een project dat ondermeer gesteund wordt door de Provincie Frysl‚n...

De Pompemich nummer 64

Fuik
fuik.jpg (196704 bytes)

Bedreigde diersoort

De paling wordt ernstig bedreigd in zijn voortbestaan. Recreatievissers mogen om de diersoort enigszins te ontzien niet meer gericht op paling vissen en geen gevangen paling voor eigen consumptie meenemen. Hoe vist een recreatievissers gericht op paling? Met een lijn en een haak en een hengel. Als aas wordt bij voorkeur gekozen voor een worm of meerdere wormen. De zomeravonden zijn de beste tijd om te gaan vissen. Overdag op paling vissen is voor de recreatievisser minder doeltreffend omdat de kans om ongewenste vissoorten te vangen dan veel groter is. Een recreatievisser die gericht op paling vist en het goed doet vangt uitsluitend paling. Een zeer gerichte visserij waarbij de bijvangst aan ongewenste vissen levend en wel weer terug gezet kan worden. Deze vorm van duurzame visserij is in Nederland verboden.
Paling mag in Nederland echter nog wel wettelijk opgevist worden op andere manieren.
Een daarvan is de fuik. Een rechthoekig stuk net, het keernet, en een taps toelopend meestal rond net. Omdat het om de vangst van paling gaat zijn de mazen van het net zeer klein. Aan het eind van de fuik zijn wettelijk verplichte ringen in het net gemaakt om ondermaatse paling de kans te geven te ontsnappen. Alle andere vissen die naar binnen zwemmen en te groot zijn om door de mazen van het net te ontsnappen kennen geen weg terug. Heel veel kleine stekeldragende vissen die net wel net niet door de mazen van het net kunnen, worden door hun stekels tegengehouden. Om zich uit hun benarde positie te bevrijden proberen ze door de mazen te ontsnappen. In paniek zetten ze hun stekels uit en kunnen daardoor geen kant meer op wat tot complete verstijving leidt. Het dier sterft. Zoals duizenden andere. De grotere vissen worden samen met de paling naar boven gehaald. Vaak is de vangst van paling slechts tien procent van het totale gewicht aan vis. De bijvangst bestaat uit onder andere:
Ondermaatse vissen
Maatse vissen die verkocht kunnen worden
Beschermde en bedreigde vissen
Menselijk afval
Vogels, krabben, kreeften
Het meeste is al dood of overleeft het niet.
Duikereendfile, de krab gaat naar Hongkong, de kreeft naar restaurants.
Een inefficiŽnte manier om op paling te vissen.
Een andere manier om beroepsmatig op paling te vissen is met een lijn met haken, het hoekwant. Een dikke hoofdlijn met daaraan tot meer dan honderd zijlijnen voorzien van haak en aas, vaak wormen, maar ook spiering of stukjes andere vis. Mits goed uitgezet en met beleid gevist, dat wil zeggen regelmatig controleren en niet overdag uitzetten, is het rendement al veel groter dan bij een fuik. Bijvangsten bestaan uit baarsachtigen, voornachtigen, en snoeken. Als het hoekwant lang staat overleven veel vissen het niet.

Een derde beroepsmatige manier om paling te vangen is met kistjes. Aan een dikke hoofdlijn hangen tot meer dan honderd kistjes met aan beide einden een taps toelopend netje dat er voor zorgt dat als de paling eenmaal binnen is er niet meer uit kan ontsnappen. In een kistje vangt men vrijwel uitsluitend paling. Het nadeel is dat de kistjes vaak van aas worden voorzien met het kaviaar van de voorn. Spiering of stukken van andere vissoorten doen het minder goed. Een levende worm ontsnapt uit het kistje.

Volgens de VisBond is de laatste manier van beroepsmatig op paling vissen de meest duurzame. Maar nog steeds niet zo duurzaam als de recreatieve manier van vissen op paling.

Wat gebeurt er met de in Nederlandse wateren beroepsmatige gevangen palingen?
Zo heeft God het bedoeld.
Offers brengen. Prediker. Gij zult niet zonder enige schade aan uw zelf het leven van een ander in gevaar brengen.
Gerookte (IJsselmeer?) paling kost 30 euro, gefileerd 43 euro per kilo. Augustus 2012.
De grotere dieren zijn duurder dan de kleinere. De groten zorgen voor nakomelingen.
Op internet is er volop paling te verkrijgen.
http://www.palingkopen.nl
Een bedreigde diersoort.

Ach, onze koningin eet het ook…

Hans Wiersma, DeVisbond

Rechtsongelijkheid in de visserij

De beroepsvisserij met netten is niet meer van deze tijd. Waar de zoogdieren, vogels en amfibieŽn worden beschermd is het met de vissen slecht gesteld. De karige bestanden worden op een zeer dieronvriendelijke manier aan het water onttrokken. In de netten die beroepsvissers gebruiken sterven honderden duizenden ondermaatse, zeldzame en beschermde vissoorten als bittervoorn, kleine modderkruiper, rivierdonderpad, alver en kopvoorn om maar een paar te noemen. Ondermaatse baarzen en snoekbaarzen blijven met hun stekels hangen in de netten en sterven een gruwelijke dood. Daar waar de recreatievissers hoge boetes kunnen krijgen als ze ondermaatse of beschermde vissen in hun bezit hebben gaan de beroepsvissers, die de grootste schade aanrichten, vrijuit. Recreatievissers worden streng gecontroleerd en beboet als ze bijvoorbeeld met de hengel gevangen aal in hun bezit hebben. Beroepsvissers mogen, in sommige gevallen zelfs het gehele jaar door, op deze bedreigde diersoort vissen en ook nog eens op een zeer dieronvriendelijke manier. Dat men onwetend is blijkt wel uit het volgende. Bij de opening van het nieuwe provinciehuis van Friesland, waarbij koningin Beatrix aanwezig was, werd er paling geserveerd. Een zeer bedreigde diersoort. Ben nieuwsgierig of de koningin, en de andere notabelen, ervan genoten hebben... Recreatievissers mogen geen snoek in hun bezit hebben, beroepsvissers leveren deze vissoort levend aan op de afslag van Urk. Met de hengel gevangen vis is duurzame vis. Ondermaatse en beschermde soorten worden onbeschadigd weer terug gezet. Beroepsvissers zetten hun netten op plaatsen die voor de vissen zeer belangrijk zijn, bijvoorbeeld paaigronden en trekroutes. Als de netten zichtbaar zouden zijn zouden veel mensen schrikken van de hoeveelheid. Vogels vangen met netten is alleen nog toegestaan ten behoeve van het ringen en de vogels worden levend weer vrijgelaten. Vroeger werden op deze manier vogels gevangen voor de consumptie. Omdat dit voor veel mensen zichtbaar was is hier een einde aan gemaakt. DeVisbond stelt dan ook dat vissen met een hengel een duurzame manier van vissen is en wil zo snel mogelijk een verbod op het vissen met netten omdat die onnoemelijk veel schade aanrichten. Bovendien is er hier sprake van een onacceptabele vorm van rechtsongelijkheid. Alleen een duurzame manier van vissen leidt tot een herstel van de zeer onder druk staande visbestanden.

Namens DeVisbond,
Hans Wiersma, Dronryp

DeVisbond schrijft ook de partij voor de dieren aan:

Geachte heer/mevrouw,

Er zijn in Nederland strenge regels in het omgaan met dieren. DeVisbond constateert dat er met de vissen nog steeds barbaars wordt omgesprongen door de beroepsvissers. Netten worden uitgezet in trekroutes en op paaiplaatsen van deze dieren. Uw partij besteedt naar ons idee veel te weinig aandacht aan deze onacceptabele en absoluut niet duurzame manier van vissen. Zelf ben ik recreatievisser met veel aandacht voor de natuur en de vissen. Bijna alle vis die een recreatievisser vangt gaat onbeschadigd weer terug in het water. De laatste jaren klagen heel veel recreatievissers dat de vangsten drastisch terug lopen. Als voorbeeld gelden de havens aan het IJsselmeer die in de winterperiode, met toestemming van de betreffende gemeenten, totaal leeg getrokken worden. De havens zijn een overwinteringsplek voor de vissen en zo worden er dus complete vispopulaties uitgeroeid die ook nooit meer terug zullen komen. Als recreatievisser mag ik in verband met dierenleed niet met levend aas vissen. Beroepsvissers laten in hun netten vissen wegkwijnen met het nodige dierenleed. Kennelijk is het zo dat dit onder water gebeurt en dus niet zichtbaar is voor de mensen. Als recreatievisser mag ik geen ondermaatse en beschermde vissoorten in mijn bezit hebben. Beroepsvissers vangen en doden heel veel ondermaatse en beschermde vissoorten. Er worden op de afslag van Urk bijvoorbeeld levende snoeken aangevoerd die dan langzaam stikken buiten het water. Als DeVisbond om opheldering vraagt bij de afslag wordt er niet op gereageerd, ook op vragen over de aanvoer van witvis krijgen we nul op het rekest. Het zou uw partij sieren aan dit dierenleed eens kamervragen te besteden. Ook de bijna anderhalf miljoen recreatievissers die wel eens een hengel uitgooien zouden dat op prijs stellen zeker met het oog op de komende verkiezingen. Met vriendelijke groet,

Namens DeVisbond,
Hans Wiersma, Dronryp

Op 19 juni 2012 krijg ik antwoord:

Geachte heer Wiersma,

Hartelijk dank voor uw e-mail over de beroepsvisserij.

Europese vissers vangen structureel veel te veel vis. Quota komen 42 tot 57 procent hoger uit dan onafhankelijke wetenschappers adviseren voor een duurzaam beheer van de visbestanden. Het resultaat van 25 jaar Gemeenschappelijk Visserijbeleid is dat 88 procent van de Europese visbestanden wordt overbevist. Als we in dit tempo doorgaan, zijn in 2048 de zeeŽn leeg, voorspellen toonaangevende visserijbiologen.

De Partij voor de Dieren zal er alles aan doen om het niet zover te laten komen. Allereerst moet Nederland haar eigen verantwoordelijkheid nemen. Het ‘Duurzame Visserijbeleid’ dat in 2007 door de Nederlandse regering is ingezet, is volgens de Partij voor de Dieren volstrekt onvoldoende om de visbestanden te redden en de mariene biodiversiteit te beschermen. De capaciteit van de Nederlandse vissersvloot is veel te groot voor een verantwoorde visserij en zal dus flink moeten worden ingekrompen. De visserijsubsidies kunnen worden benut voor een warme sanering van de sector.

Verder speelt Nederland een rol bij de wijziging van het Europees visserijbeleid. De onderhandelingen daarover zijn inmiddels gestart en moeten in 2013 zijn afgerond. De Partij voor de Dieren vindt dat ook hier het voorzorgbeginsel leidend moet zijn. Gezien de uiterst zorgelijke visstand betekent dit dat er in de EU en dus ook in de Nederlandse wateren in principe niet meer kan worden gevist. Alleen wanneer kan worden aangetoond dat een (beperkte) vangst verantwoord is en binnen de draagkracht blijft van de mariene ecosystemen, kan visserij nog worden toegestaan.

De vangst van vissen gaat gepaard met ernstige verwondingen, pijn en stress voor de dieren. In de grote netten worden veel vissen doodgedrukt of verwond. In de drijfnetten of staande tuigen staat ze een langdurige doodsstrijd te wachten. De Partij voor de Dieren vindt dat vissen, net als andere dieren, bescherming verdienen tegen pijn en stress voorafgaand aan en gedurende de slacht. De partij pleit daarom, als enige partij in Nederland, voor regelgeving voor het doden van vissen, zowel voor kweekvissen als voor vissen die in open water worden gevangen. Alternatieve, bewezen diervriendelijkere dodingsmethoden worden op dit moment nauwelijks toegepast. Daar zal eindelijk verandering in moeten komen.

Ik plaats hieronder voor u een aantal links naar Kamervragen, moties en debatbijdragen over dit onderwerp:
https://www.partijvoordedieren.nl/tweedekamer/kamervragen/i/2502
https://www.partijvoordedieren.nl/tweedekamer/kamervragen/i/1815
https://www.partijvoordedieren.nl/tweedekamer/kamervragen/i/575
https://www.partijvoordedieren.nl/tweedekamer/kamervragen/i/534
https://www.partijvoordedieren.nl/tweedekamer/speeches/674/i/1068
https://www.partijvoordedieren.nl/tweedekamer/moties/i/1132

https://www.partijvoordedieren.nl/tweedekamer/moties/i/643.(openen allemaal in een nieuw venster)

Hopende u hiermee voldoende geÔnformeerd te hebben.

Met vriendelijke groet,

Roza Vink

Partij voor de Dieren
Postbus 17622
1001 JM Amsterdam
www.partijvoordedieren.nl

Pompemich nummer 63

Staand want visserij bij de Ketelbrug.
Beroepsvissers plaatsen netten bij de Ketelbrug om trekkende vissoorten als winde, voorn, baars, brasem, forel, roofblei, snoekbaars en snoek om maar een paar te noemen weg te vangen. De recreatievisserij kent een gesloten tijd voor vissoorten als baars, snoekbaars en snoek, beroepsvissers mogen het hele jaar door op deze soorten vissen. De gevolgen voor de trekkende vissen zijn desastreus. Wanneer komt hier eens een eind aan?

staand want1.jpg (70614 bytes) staand want2.jpg (108400 bytes)

staand want.jpg (10252 bytes)
Staand want, bron Imares

Reacties naar info@devisbond.nl

DeVisbond vraagt uw aandacht voor het volgende;
DeVisbond eist certificaat duurzame visserij voor met de hengel gevangen vis.
DeVisbond gaat hierover in overleg met het productschap vis en vlees.
DeVisbond stelt vast dat in Duitsland met de hengel gevangen vis als duurzame vis op de menukaart van restaurants staat. Voorwaar een prima initiatief.

Uitspraak raad van state omtrent de spieringvisserij op het IJsselmeer
De raad van state heeft dinsdag 20 maart 2012 uitspraak gedaan.
Klik hier voor de uitspraak (opent in nieuw venster)


Hoe het vissen was in de sluiskom van Workum
Door Simon van der Veen van Simonsfishing (nieuw venster)

Diadrome vissen in de Waddenzee: Monitoring bij Kornwerderzand 2001-2009 (nieuw venster PDF)

Extra Spuicapaciteit Afsluitdijk
Om wateroverlast rond het IJsselmeer te voorkomen werkt Rijkswaterstaat aan een nieuw derde spuicomplex met visvriendelijk sluisbeheer.
Eindadvies toekomst afsluitdijk (nieuw venster PDF)
Informatie van Rijkswaterstaat (nieuw venster)

Met de hengel gevangen vis is duurzame vis
Bovendien is het bestaand gebruik.
īSportvissers stoten beroepsvissers brood uit de mondī
īWij zijn echter samen de dupe van enerzijds schoner water en anderzijds veel meer aalscholvers die allemaal op onvoldoende vis jagen.ī

Hoe kan dat nu? Het is niet voor niks dat het grootste vissersschip van de wereld in Nederlandse handen is. Als de vis opraakt ligt het niet aan de beroepsvissers? De recreatievisser is de dupe van de beroepsvisser. Recreatievissers worden enorm aan banden gelegd en het lijkt er op alsof de beroepsgroep alle rechten op vis krijgt. Daar waar het de recreatievisser verboden wordt om aal en snoek mee te nemen, beschermde en ondermaatse vissen onbeschadigd ogenblikkelijk weer terug te zetten, vissen de beroepsvissers rustig door op aal, worden er levende snoeken op de afslag van Urk aangeleverd en worden er talloze ondermaatse en beschermde vissoorten vernietigd. DeVisbond komt op voor de belangen van de visstanden omdat die onontbeerlijk zijn voor een rendabele recreatievisserij. DeVisbond stelt dat er hier sprake van een grote ongelijkheid. De recreatievisser voldoet aan alle eisen voor een duurzame visserij waar de beroepsvisser alleen maar vis onttrekt.
Steun DeVisbond met een donatie: 2572881 H. Wiersma Dronryp

Onderstaande links openen in een nieuw venster.
Aanval op IJsselmeervisserij
Vergunning IJsselmeervisserij in het geding

Ook sportvisserijnederland plaatst een reactie. Wat DeVisbond voor het hoofd stoot is dat sportvisserijnederland niet rept over de visstanden maar zich verschuilt achter de vogelbescherming. sportvisserijnederland (opent in een nieuw venster)

Winterslaap
Vanochtend 2 februari 2012 een bericht op radio vier over de amfibieŽn, kikkers en vissen onder het ijs. Er werd aangeraden wakken te slaan zodat de amfibieŽn, kikkers en vissen lucht kunnen happen. Bovendien moest er sneeuw geruimd worden zodat de algen licht krijgen en zuurstof kunnen produceren. Hoe is het de amfibieŽn en vissen vergaan voordat er mensen waren? De dieren hebben het miljoenen jaren zonder de mensheid gered. Als de sloten en plassen met ijs zijn bedekt gaan de kikkers en andere amfibieŽn evenals vissen in een winterslaap en winterrust. De stofwisseling gaat op een zeer laag pitje zodat de dieren zonder voedsel en met zeer weinig zuurstof toe kunnen. Ga je nu wakken slaan schrikken de dieren wakker en gaan op de vlucht en de stofwisseling komt op gang. Zeer schadelijk voor de dieren onder het ijs. Dus met rust laten! Zelfs schaatsen heeft een negatief effect op het onderwaterleven. Het lawaai verstoort de natuurlijke winterrust. Laten we eens op houden met het idee dat we het zo goed voor hebben met de dieren. Ze redden het best zonder ons.

Beroepsvissers laten niets van zich horen
Vandaag 26 januari 2012 heeft het VARA radioprogramma Spijkers met koppen DeVisbond gevraagd om in een van de uitzendingen van het programma een debat aan te gaan met de beroepsvissers. Na telefonisch contact met de redacteur van het programma blijkt dat de beroepsgroep geen gehoor geeft aan het verzoek in een van de uitzendingen tekst en uitleg te geven omtrent het leegvissen van het IJsselmeer. Wat beoogt de beroepsgroep hiermee?

Wint sportvisserij Nederland slag in dossier IJsselmeer?
Bezwaarschrift SN 12 september 2011.
Het heeft er alle schijn van dat sportvisserij Nederland eindelijk wakker is geworden. Na jarenlang een gedoog-politiek met de beroepsvissers te hebben gevoerd zijn ze nu, naar eigen overtuiging, zover dat het verbod op het beroepsmatig plunderen van het IJsselmeer op 3 februari behandeld wordt in Den Haag. Het grote manco is dat niet het belang van de vis de doorslag geeft maar dat van de vogels. Om nog maar te zwijgen over het belang van de recreatievisser. Nog steeds wordt het belang van onze geschubde vrienden ondergeschikt geacht aan dat van onze gevederde vrienden. Citaat uit het schrijven:
Er zou een nieuwe vergunning kunnen worden afgegeven, maar dat kan volgens de commissie alleen als alsnog komt vast te staan dat de beroepsvisserij geen significant verstorende effecten heeft op de beschermde vogelsoorten.
Nauwelijks iets om als sportvisserij Nederland trots op te zijn. Bovendien wordt er niet gerept over het leegvissen van de havens rond het IJsselmeer.

Op 3 januari 2011 heeft de provincie Friesland bij monde van de heer H. Denters telefonisch meegedeeld dat de provincie Friesland op dat moment niet voornemens was de verleende vergunningen in te trekken. ? 2011? Hier klopt iets niet. Pagina 3. Een ernstige omissie dunkt DeVisbond.
Voorlopige_voorziening.pdf

Stelen
Sportvisserij Nederland heeft alle door DeVisbond gebruikte argumenten, getallen en bronnen gebruikt om eindelijk eens iets van zich te laten horen. Nog steeds behartigt het bezwaarschrift niet de belangen van de recreatievissers. Natuurlijk evenwicht? Waar heeft sportvisserij Nederland het over? Natuurlijk evenwicht bestaat niet. Het is dan het een dan het ander. Van evenwicht kan geen sprake zijn want dan zouden er jaar in jaar uit constant dezelfde verhoudingen bestaan tussen de verschillende organismen en dan zouden de invloeden van weer en wind geen rol meer spelen. Het enige constante is de verandering. De illusie van de maakbare natuur. Volgend jaar zijn er minder reigers, is het natuurlijk evenwicht is verstoord? Twee jaar geleden werden er honderdduizend driedoornige stekelbaarzen in de monitor opgenomen, dit jaar zijn het er vijfenzeventigduizend. Onrustbarend. Ingrijpen is gewenst. De recreatievisser wil een visje vangen! En opvreten als het mag. Sportvisserij Nederland heeft zogenaamd geen winstoogmerk, DeVisbond wil wel eens weten wat de 'directeur' van sportvisserij Nederland opstrijkt.

Weg met sportvisserij
DeVisbond wil af van de benaming sportvisserij. Vissen is geen sport, vissen is een vorm van recreatie met het eventuele doel om eten te vangen (bestaand visrecht). Net als bessen plukken, paddestoelen rapen, eieren zoeken (rapen) en jacht.

De beroepsvissers geven aan dat ze niet van de wind kunnen leven. Wie kan dat wel? DeVisbond kan niet van de wind leven en eist daarom schadevergoeding.

Mensen zijn te dom om na te denken, daarom oordelen ze liever.
"De vogels mogen zeven dagen per week vissen", aldus een beroepsvisser. Dezelfde beroepsvisser stelt verder dat 90% van de vis in het IJsselmeer dood gaat door o.a. de Kaderrichtlijn Water: "Vanaf het moment dat de commissies zich ermee bemoeien gaat alles mis. In kraanwater kan geen vis meer leven. Het IJsselmeer was het rijkste viswater van de hele wereld en dat is nu 'naar de filistijnen' geholpen." Wars van zijn eigen invloed op de visbestanden.

Steun DeVisbond en maak tien euro over op 2572881 van H.M. Wierma, Dronryp.

Artikel in De Volkskrant van 21 januari 2012
Dankzij beroepsvisser nauwelijks een visje over
Het IJsselmeer was een van de rijkste viswateren in Europa, maar door de jarenlange overbevissing huizen er in het meer nu nog slechts eenjarige vissen. De vismonitoring op het Marker- en IJsselmeer van IMARES laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Elk jaar gaat de visstand in het Marker- en IJsselmeer achteruit. De beroepsvissers hebben jarenlang hun gang kunnen gaan en onbeperkt maatse en ondermaatse vis uitgeroeid. Nu er bijna geen visje meer is te vangen, wijzen ze de beschuldigende vinger naar de natuurorganisaties die ervoor hebben gezorgd dat het water schoon en helder is geworden, en naar de aalscholvers die, zoals de beroepsvissers beweren, zonder vergunning hun vis wegvangen en opvreten. Al in 2004 (27 maart) schrijft Jeroen Trommelen in de Volkskrant over de overbevissing van het IJsselmeer. Ook andere media berichtten er toen al over. Dus nieuws is het amper meer. Waarom houden beroepsvissers krampachtig vast aan hun uitstervende beroep? Deden de schillenboeren dat ook? En de kleine kruideniers? Zijn zij door de overheid uitgekocht? Ik dacht het niet. Bovendien hebben de beroepsvissers onnoemelijk veel ondermaatse en zeldzame vissoorten opgevist en uitgeroeid. Om nog maar te zwijgen van de vele duikende vogelsoorten die verdrinken in de netten. Voor de tijd dat de beroepsvissers visten in het IJsselmeer kon de recreatievisser met een hengel daar mooie vangsten boeken. Ook kon je daar zaagbekken, aalscholvers, futen en andere vissende vogels zien. Tegenwoordig zie je nauwelijks nog vissende vogels. Als een recreatievisser met ondermaatse of beschermde vis wordt betrapt, zijn de boetes niet van de lucht, maar voor de tonnen dode ondermaatse, zeldzame en beschermde vis hebben de beroepsvissers nooit een cent boete hoeven betalen. Met terugwerkende kracht zou de overheid miljoenen aan boetes kunnen opleggen. Niks uitkopen. Eerst het water kapot vissen en dan schadevergoeding eisen? Het moet niet gekker worden. En dan ook nog de aalscholvers in een kwaad daglicht stellen? De Visbond stelt dat als de beroepsvisserij verdwijnt, binnen vijf jaar de visstand volledig is hersteld. Voor de paling geldt dat helaas niet. Nog steeds wordt de glasaal voordat die het binnenwater op kan zwemmen weggevangen ten behoeve van de kweek. De beroepsgroep noemde dit duurzame paling. Greenpeace heeft bij de Reclame Code Commissie een klacht ingediend tegen de Stichting Duurzame Paling. De Reclame Code Commissie heeft besloten dat deze term misleidend is en niet meer mag worden gebruikt. Op allerlei oneigenlijke manieren proberen de beroepsvissers hun kwalijke praktijken te blijven uitoefenen. Het moet nu maar eens uit zijn.
Hans Wiersma, Dronryp, De Visbond
Voor mensen die De Volkskrant lezen is het artikel terug te vinden:
http://www.volkskrant.nl/vk/article/search.do?language=nl&navigationItemId=2 zoek op: Hans Wiersma (opent een nieuw venster)

Artikel in de Leeuwarder courant van 24 november 2011
IJsselmeervissers uitkopen? Niks ervan
Zolang het IJsselmeer bestaat hebben beroepsvissers er onbehoorlijk veel vis weggevangen. Het IJsselmeer was een van de rijkste viswateren in Europa. Door jarenlange overbevissing zijn er nu nog slechts eenjarige vissen. De vismonitoring op het Marker- en IJsselmeer van eerst het RIVO en later Imares laat aan duidelijkheid niets te wensen over. Jaarlijks daalt de visstand in het Marker- en IJsselmeer. De beroepsvissers weten van niets. Jarenlang hebben ze hun gang kunnen gaan en onbeperkt maatse en ondermaatse vis uitgeroeid. Nu er door die overbevissing bijna geen visje meer te vangen is, wijzen ze de beschuldigende vinger naar de natuurorganisaties die er voor gezorgd hebben dat het water schoon en helder is geworden en naar de aalscholvers die, zoals de beroepsvissers beweren, zonder vergunning hun vis wegvangen en opvreten. In de Volkskrant van 27 maart 2004 schreef Jeroen Trommelen al over de overbevissing van het IJsselmeer die leidt tot het bijna uitsterven van paling en andere vissoorten. Al eerder verschenen er in de media berichten over de overbevissing. Dus nieuws is het amper meer. Waarom houden de beroepsvissers zo krampachtig vast aan hun uitstervende beroep? Deden de schillenboeren dat ook? En de kleine kruideniers? De keuterboeren? Zijn deze mensen door de overheid uitgekocht? Dacht het niet. Bovendien hebben de beroepsvissers onnoemelijk veel ondermaatse en zeldzame vissoorten opgevist en uitgeroeid. Om nog maar te zwijgen van de vele duikende vogelsoorten die verdrinken in de netten. Ook in de Friese IJsselmeerhavens heeft de beroepsvisserij alle vis weggevangen. Voordat de beroepsvissers daar visten kon de recreatievisser met een hengel mooie vangsten boeken. Ook kon je daar zaagbekken, aalscholvers, futen en andere vissende vogels zien. Tegenwoordig zijn de havens leeg en zie je nauwelijks nog vissende vogels. De betreffende gemeenten hebben jarenlang meegewerkt aan deze illegale praktijken, want er gaat heel veel ondermaatse vis kapot in de netten. Als een recreatievisser met ondermaatse of beschermde vis betrapt wordt zijn de boetes niet gering. Voor de duizenden tonnen dode ondermaatse, zeldzame en beschermde vis hebben de beroepsvissers nooit een cent boete hoeven betalen. Met terugwerkende kracht zou de overheid hen voor miljoenen aan boetes kunnen opleggen. Niks uitkopen. Eerst het water kapot vissen en dan schadevergoeding eisen? Het moet toch niet veel gekker worden! En dan ook nog de aalscholvers in een kwaad daglicht stellen? DeVisbond stelt dat als de beroepsvisserij verdwijnt, binnen vijf jaar de visstand volledig hersteld is. Voor de paling geldt dat helaas niet. Nog steeds wordt de glasaal voordat die het binnenwater op kan zwemmen weggevangen ten behoeve van de kweek in zowel open water als kwekerijen. De beroepsgroep noemde dit duurzame paling. Greenpeace heeft bij de Reclame Code Commissie een klacht ingediend tegen de Stichting Duurzame Paling (Dupan). De Reclame Code Commissie heeft besloten dat deze term misleidend is en niet meer mag worden gebruikt. Op allerlei oneigenlijke manieren proberen de beroepsvissers hun kwalijke praktijken te blijven uitoefenen. Het moet nu maar eens uit zijn. HANS WIERSMA DEVISBOND (RECREATIEVISSERS)

http://www.dekrantvantoen.nl/vw/page.do?code=LC&id=LCNO-01-007-20111124&aid=LC-20111124-NO01007004
(opent in nieuw venster)

MSC (opent in nieuw venster)
Op het ogenblik is er veel te doen omtrent de duurzame visserij. Het MSC (Marine Stewardship Council) deelt certificaten uit aan vissers die duurzaam vissen. Uit onderzoek blijkt dat certificering voor de meeste visstanden geen verschil maakt. Van elf visstanden waarvoor voldoende gegevens voorhanden waren, bleven er vijf onveranderd. In drie gevallen ging de visstand vooruit, in drie gevallen achteruit. Ook zoetwatervissers kunnen zich laten certificeren, zo zijn er in Zweden gecertificeerde snoekbaarsvissers. Duurzame paling is volkomen onzin want die vis is hard bezig uit te sterven. Op de afslag in Urk worden levende metersnoeken aangevoerd, een grof schandaal want de recreatievisser moet snoek ogenblikkelijk weer terug zetten!

IUCN onderzoek: Alarmerende achteruitgang aantal zoetwatervissen, weekdieren en planten
(opent in nieuw venster)
IUCN International Union for the Conservation of Nature

Dokkumse mag het hele jaar door op aal vissen.
Dokkumse krijgt aanmoedigingsprijs van de beroepsvereniging binnenvissers.
Recreatievissers worden beboet als ze zelf gevangen paling in hun bezit hebben, er is een regeling voor de 'bescherming' van de paling op het IJsselmeer, daar mag er drie maanden niet gericht met schietfuiken gevist worden op paling. Er is echter ontheffing voor de schietfuiken voor het vissen op wolhandkrab, een exoot uit China. De fuiken worden 'aangepast' voor de vangst van de wolhandkrab. Wel eens gegeten? Een wolhandkrab? Ze verdwijnen voor het grootste deel naar China.
Deze Dokkumse mag gewoon doorvissen op paling het hele jaar door. Met fuiken. Een volledige dichtzet van de Dokkummer Ee. Gelukkig zet ze de paling over de dijk zodat ze kunnen paaien... En met de schubvis gaat ze ook heel voorzichtig om...
Over ongelijkheid gesproken.

In Nederland krijgen de plunderaars compensatie omdat het ze verboden wordt te plunderen.

De economische betekenis van de sportvisserij in Nederland PDF
visionair nr. 12 - juni 2009, over het leegvissen van het IJsselmeer PDF

Waterstanden Korwerderzand (opent in nieuwe pagina)

Een aantal interessante website (openen in een nieuw venster)
http://www.imares.wur.nl
http://natura2000ijsselmeergebied.nl
http://www.compendiumvoordeleefomgeving.nl
http://www.ijsseldeltazuid.nl

En dan de beroepsvissers zelf
http://www.vissersbond.nl
http://www.visserijnieuws.nl

De recreatievissers zijn in tegenstelling tot de beroepsvissers nauwelijks georganiseerd of het zou al via sportvisserij Nederland zijn, maar die komen nauwelijks voor de belangen van de recreatievisser op, wat wel blijkt uit de reacties op het schrijven van DeVisbond.
Op de site van sportvisserij Nederland komen we onder andere het onderstaand bericht tegen:
HARLINGEN- De politie heeft in de nacht van woensdag op donderdag 4 augustus 2011 in de Zuiderhaven en een 65-jarige inwoner van Harlingen proces-verbaal gegeven voor illegaal vissen op paling.
Agenten zagen de man in zijn auto rijden en besloten hem te controleren. In de auto van de verdachte zagen de agenten diverse vistuigen waaronder hengels en schepnetten en een waadpak liggen. Na verder onderzoek in de auto werd in een emmer met 4 kilo paling aangetroffen.
Zowel het vistuig alsmede de vispas werd door de agenten in beslag genomen. De paling werd door de agenten in de Zuiderhaven teruggezet.
Voor dezelfde hoeveelheid paling door een beroepsvisser gevangen gaat er 40 kilo vis en andere waterdieren aan bijvangst (veelal ondermaatste vis en meer dood dan levend) mee aan boord. Het is een grof schandaal dat de recreatievisser beboet wordt voor iets wat de beroepsvissers straffeloos en met veel meer schade voor het milieu doen om aan paling te komen.


Verboden toegang.jpg (272265 bytes)
Dit bord komen wij als recreatievissers steeds vaker tegen!

De visbond behartigt de belangen van de Nederlandse recreatievisser. De visbond stelt vast dat recreatievissers klagen over drastisch afgenomen vangsten. Ondanks toegangsverboden, minimummaten, meeneembeperkingen en meeneemverboden. Nederland telt zo'n twee miljoen recreatievissers, 12,5% van de bevolking, een aantal om rekening mee te houden. De visbond roept alle recreatievissers op om hun stem te laten horen. Te lang heeft er een zwarte verdeel- en heerswolk over onze geliefde bezigheid gehangen. Een vergelijking is hier op z'n plaats. In een bos zijn twee mensen bezig. Een houthakker met kettingzaag en bulldozer, een ander met een aardappelschilmesje. Ze gaan een boom vellen. Plotseling duikt daar de wet op. En wat denk je? Degene met het aardappelschilmesje moet per direct zijn activiteiten staken want hij brengt onheroepelijke schade toe aan het bos, daar waar de houthakker het bos economisch benut. Waar de beroepsvissers gesteund door de wet hun gang mogen gaan, worden de mogelijkheden voor ons recreatievissers steeds verder ingeperkt. De visbond gaat alle kwalijke praktijken aan de kaak stellen. Daar heeft de visbond uw steun bij nodig. Samen kunnen we een vuist maken, maar dan moet het uit zijn met elkaar de zwarte piet toespelen. Binnen recreatievissend Nederland is er grote verdeeldheid gecreŽerd. Laten we in eerste instantie niet leuteren over al dan niet met levend aas vissen of al dan niet bij wet toegestane vissoorten doden en mee nemen voor consumptie, maar laten we bij de kern blijven:
Het bij wet goedkeuren van het decimeren van vispopulaties.

De visbond bestaat sinds maart tweeduizendelf (21032011) en is op zoek naar alles wat te maken heeft met het uitbuiten van vispoulaties. Heb je iets te melden? info@devisbond.nl

Investeer in een gezonde recreatievisserij, laat weten dat je bestaat!
Maak tien euro over of zoveel je vindt dat het waard is op:
2572881
H.M.Wiersma
Dronryp

En ontvang een digitale nieuwsbrief met daarin onder andere: een viswater nader bekeken, de bespreking van een vissoort met zijn kansen en bedreigingen en een reisverslag binnen de Nederlandse visserij.

De plannen:
Ontwikkelingsplan IJsselmeer
Doelstelling is een nettenvrij IJsselmeer dat volledig gericht is op de recreatievisserij. In de verschillende havenplaatsen langs de IJsselmeerkust komen zelfcatering vakantiewoningen met voorzieningen voor de recreatievisser. Het IJsselmeer is uitermate geschikt voor het uitzetten en beheren van een groot forellenbestand dat op den duur zichzelf in stand zou kunnen houden. In de aanvoerende rivieren zijn er mogelijkheden voor het creŽren van meer paaiplaatsen voor migrerende vissen, die plaatsen zijn er nu ook al. Het IJsselmeer is een voedselrijk en steeds helderder wordende plas water met ondiepe en diepe plaatsen. Het IJsselmeer staat bovendien in verbinding met de Waddenzee zodat ook trekkende vissoorten in het meer voorkomen. Dat er vooral bij de overgangen van zoet naar zout nog netten mogen staan is natuurlijk een grof schandaal. En helemaal als je bedenkt dat de recreatievissers die toch een marginale invloed hebben op de visbestanden steeds vaker tegen het bord verboden toegang aanlopen en bovendien buitensporig vaak gecontroleerd en bekeurd worden. Dat is toch de omgekeerde wereld? De mensen die die meeste schade aanrichten mogen rustig hun gang gaan. Het wordt tijd dat dat verandert. Laat de degene die het meeste schade aanricht ook het meeste inleveren. Maar zo gaat dat niet in Nederland. Op het ogenblik wordt het IJsselmeer helemaal kapot gevist zoveel netten en fuiken staan er in. Voor de recreatievisser blijft er helaas niets over. Ook al omdat grote delen van de IJsselmeerkust door de ‘natuurorganisaties’ afgesloten worden voor wadende vissers. Overal staan netten en varen schepen, maar als een recreatievisser in het water wil stappen mag dat niet. Nu is het prima dat er gesloten gebieden zijn waar de ‘nieuwe natuur’ in alle rust z’n gang kan gaan, maar het blijven natuurlijk wel ‘vrije’ dieren die niet op een vaste plaats blijven maar altijd in beweging zijn.
Doel 1: Weg met de netten in het IJsselmeer.

Wat is het standpunt van de 27000 recreatievissers omtrent de schubvisrechten voor beroepsvissers?
Open brief aan sportvisserij Fryl‚n.

Beste Germ Zeephat,

De reactie op uw bericht duurde even want ik moest het artikel uit de Leeuwarden courant van zaterdag 4 juni 2011 uit de oudpapierbak vissen. In het artikel wordt melding gemaakt over het opnieuw onderhandelen met de 17 beroepsvissers in Fryl‚n over de schubvisrechten. De beroepsvissers hebben eerst de aal weggevangen en mogen tijdelijk ook snoekbaarzen meenemen en willen nu ook de brasem en straks de voorn, de winde, de roofblei en noem maar op wegvangen. Van de havens aan het IJsselmeer weten we dat die leeggevist worden door de beroepsvissers en er is daar geen visje meer te vangen. Dat schrikbeeld moet voor het Friese binnenwater bespaard blijven. Tevens zijn er zeer veel recreatievissers (waaronder ikzelf) die zelfs ogenblikkelijk een eind willen maken aan de tijdelijke regeling voor de snoekbaars. Persoonlijk kan ik nauwelijks nog snoekbaars vangen en dat is het resultaat van de bevissing door de beroepsvissers. Het lijkt mij dat als we met 27000 Friese recreatievissers tegen elke vorm van beroepsmatige vangst van schubvis zijn dat die 17 beroepsvissers dan wel in kunnen pakken. Bovendien is het economische belang van de recreatievisserij vele malen groter dan die van de beroepsvissers. Op jullie site nemen jullie geen stelling in tegen de beroepsvisserij, sterker nog er wordt totaal geen aandacht aan geschonken! Als jullie alle leden zouden vragen zal het overgrote gedeelte tegen de beroepsvissers stemmen.

Met vriendelijk groet; Hans Wiersma

Op bovenstaande brief is tot op heden niet gereageerd. Wat dat betekent weet ik niet, maar ik heb zo'n vermoeden dat de afspraken al gemaakt zijn en dat de vergadering van 29 juni pro forma is. Willen we echt ons standpunt duidelijk maken dan moet dat bij die bijeenkomst. De ALV (algemene leden vergadering) vindt plaats in de Heidhof te Heerenveen. Aanvang 19.30 uur.

Op 27 juni krijg ik dan toch antwoord.

Geachte heer Wiersma,

als portefeuillehouder VBC toch maar even een korte reactie van mij. Uit uw mail maak ik ook op dat u niet op de hoogte bent van de ontwikkelingen rondom de verplichting door de minister opgelegd inzake VBC's (Visstandbeheerscommissie). Anders dan u denkt deelt de Federatie geen kadootjes uit aan de beroepsvissers, maar heeft de verplichting om met het beroep te overleggen. In het Beleidsbesluit Binnenvisserij is opgenomen dat vanuit de sportvisserij serieus in ogenschouw moet worden genomen of er ruimte kan zijn dat de friese beroepsvissers beperkt snoekbaars mee kunnen nemen. De Federatie heeft uit strategische overwegingen met de beroepsvissers afgesproken dat men per jaar in totaal 14000 kg. snoekbaars als bijvangst mag meenemen. Let wel: het gaat niet om actieve visserij, maar om bijvangst!!!. Als u een beetje ingevoerd zou zijn in de materie dan weet u net zo goed als ik dat de beroepsvissers sinds de splitsing van visrechten in 1977 altijd een grote hoeveelheid snoekbaars illegaal hebben behouden. Immers zwemt er regelmatig snoekbaars in de fuiken en men zette dit niet over boord. Vanaf 1977 heeft men als beroepsvissers ook nooit controle gekregen. Dank zij de bijvangstenregeling krijgt iedere beroepsvisser weer regelmatig controle en is duidelijk dat veel minder snoekbaars door het beroep wordt meegenomen als daarvoor. We moeten niet terug naar de stroperij door de beroepsvissers. Zoals wellicht ook bij u bekend wordt ongeveer 100.000 kg. snoekbaars per jaar gestroopt in de Friese Boezem. Als we dat nu eens aanzienlijk zouden kunnen terugbrengen dan is er best ruimte voor het beroep ook beperkt snoekbaars mee te nemen.

Overigens deel ik uw opvatting dat de beroepsvissers niet de schubvisrechten moeten krijgen. Dit gebeurt ook niet. Daar zorgt de Federatie wel voor. Maar we staan alleen sterk daarin als we laten zien dat we wel samenwerken met de beroepsvissers. Anders dan vroeger hebben we niet het alleenrecht.

Daarnaast moet mij een ander punt van het hart. Het is schrikbarend hoeveel snoekbaars wordt gestroopt door sportvissers. Deze sportvissers staan in lange rijen bij Damstra in Woudsend om de snoekbaars te verkopen. Dat vind ik werkelijk een grote schande. Meneer Wiersma, we kunnen wel naar de beroepsvissers wijzen, maar laten we als sportvissers eerst maar eens de hand in eigen boezem steken. Als sportvissers vissen we toch voor de sport en niet om een bijverdienste te hebben en vervolgens te wijzen dat het de schuld is van beroepsvissers?

Laten we aub eens ophouden om alleen maar de zwarte piet bij beroepsvissers neer te leggen. Mijn stelling is dat de meeste beroepsvissers integer zijn en zich houden aan de afspraken. Dat geldt ook voor de meeste sportvissers. Maar zowel onder beroepsvissers als onder sportvissers zijn ook personen die zich niets van regels aantrekken en gaan voor hun eigen egoÔsme en belang. Als er 27000 sportvissers zijn dan zijn er feitelijk gezien veel meer sportvissers die zich niet aan de regels houden dan beroepsvissers.

Laten we zorgen dat we gaan samenwerken. Daar spinnen wij het beste garen bij.

vriendelijke groet, Harrie Holtman

Als reactie daarop:

Geachte Harrie Holtman,

Bedankt voor uw, zij het wat late, reactie. Ik ben sinds kort op de hoogte van het VISRECHTEN-UITGIFTEBELEID VOOR DE BEROEPS- EN SPORTVISSERIJ OP DE STAATSBINNENWATEREN van mei 2009 van het ministerie van landbouw, natuur en voedselkwaliteit, directie visserij, afdeling visserijregelingen (VIR)
Daarin staat onder punt 1.1

"De bestaande splitsing van het visrecht, waarbij het aalvisrecht veelal is verhuurd aan de beroepsvisserij en het schubvis-visrecht aan de sportvisserij, wordt daarbij vooralsnog onveranderd gelaten."
Dat wij in Friesland de splitsing voor een nu nog klein gedeelte hebben 'verhuurd' aan de beroepsvissers snap ik niet. De leden van de visverenigingen hadden hier mijns inzien niet mee in moeten stemmen. Maar mij is nooit wat gevraagd…
Uw stelling dat de meeste van de 17 beroepsvissers integer zijn geloof ik niet. Het beroep verdient geld met de vis en gaat geen geld in het water gooien. Zelf ben ik korte tijd beroepsvisser geweest op het IJsselmeer totdat de visser met wie ik viste zich uit liet kopen. Alles wat er in de fuiken of netten zwom en verhandelbaar was ging mee. Of het nu duikereenden, zeeforellen en/of zalmen, steuren, wolhandkrabben, rievierkreeften, houtingen, grote marenen, bruine forellen, of noem maar op waren. Handel is handel. Het vistuig bleef in zijn bezit en valt regelmatig per ongeluk in het water… Het vissen zit in zijn bloed.
De grootste groep stropers op de Friese binnenwateren zijn (ex)beroepsvissers. Natuurlijk zijn er recreatievissers die met een hengel soms hele goede vangsten doen en die dan gaan verkopen bij Damstra in Woudsend, maar die aantallen zijn marginaal. Met een hengel decimeer je geen visbestanden daar waar netten en fuiken dat wel doen. En als het echt zo erg is met het verkopen van met de hengel gevangen vis zouden er elke dag een aantal controleurs bij Damstra de recreatievissers kunnen wijzen op hun gedrag.
Verder staat er onder punt 5.1

"Ter bescherming van trekvissoorten (salmoniden, zoals zalm en zeeforel) is het beleid dat geen vrijliggend visrecht wordt uitgegeven binnen een straal van 300 meter van sluizen, stuwen en vispassages, en in nevengeulen in trekroutes. Deze beperkingen blijven, met uitzondering van de bepaling voor nevengeulen, onverminderd van toepassing."
Beroepsvissers schijnen dat niet te weten of ze trekken zich er niets van aan want bij de sluizen van Korwerderzand staan de netten in de spuikom op nog geen meter van de sluis… Ook in het Lauwersmeer staan de fuiken bijna in de stuw! In het overleg met de beroepsvissers zou hier ook eens aandacht aan besteed moeten worden. Nu weet ik dat er voor het IJssel- en Markermeer weer aparte regelingen zijn maar het leegtrekken van de havens aan het IJssel- en Markermeer is iets wat het beroep voor het geld doet. Dat daarbij heel veel ondermaatse vis mee gaat en dood gaat is iets wat eveneens aandacht verdient. Nu al is het zo dat voor een kilo voorn meer betaald wordt dan voor een kilo poon.

Met vriendelijke groet Hans Wiersma, namens DeVisbond

Netten in de spuikom bij Kornwerderzand.jpg (119672 bytes)
Netten in de spuikom bij Kornwerderzand
Sinds 2001 worden er in opdracht van het Ministerie van EL&I (Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie) door IMARES (staat voor Institute for Marine Resources & Ecosystem Studies. Het valt onder de koepelorganisatie Wageningen UR [Wageningen Universiteit en Researchcentrum]. De organisatie is ontstaan door de fusie van het RIVO in IJmuiden en Yerseke, Alterra-Texel en TNO Ecologische Risico’s in Den Helder. Het RIVO was het RijksInstituut voor Visserij Onderzoek) fuiken geplaatst in de spuikom bij Kornwerderzand aan de Waddenzeekant om de aanwezigheid van diadrome vissen te bestuderen. In 2009 werden er in totaal anderhalf miljoen geteld, verdeeld over tien soorten: driedoornige stekelbaars, aal, houting, grote marene, fint, zeeforel, rivierprik, zeeprik, bot en spiering. Voor de stekelbaars was 2009 een recordjaar, met een vangst van meer dan een miljoen exemplaren

WON1.jpg (144706 bytes)
Is dit de beroepsvisser die zijn netten in de spuikom heeft staan? Nader onderzoek heeft geleerd dat de fuiken worden geplaatst in opdracht van het Ministerie van EL&I. Zie bovenstaande.

Haringvlietsluizen eindelijk op een kier gezet.
Mondjesmaat kunnen de trekvissen weer de Nederlandse delta opzwemen, om vervolgens door de beroepsvissers weg gevangen te worden...
Het enige constante is de verandering.
Gelukkig hebben de dieren daar geen weet van.

SportvisserijFrysl‚n heeft het weer klaargespeeld.
Zoals ik al vermoedde (zie bovenstaande) hebben de 17 Friese beroepsvissers opnieuw toestemming 'gekregen' om snoekbaars te vangen op het Friese binnenwater. De terreur van de minderheid. Ik krijg toch sterk de indruk dat er over onze hoofden heen beslist wordt... DeVisbond eist als hetzelfde volgend jaar weer speelt dat alle aangesloten leden, dat zijn er naar schatting 27000, via een referendum naar hun mening wordt gevraagd. Wij dragen als vispashouders elk jaar een slordige 800000 euro bij aan organisaties als sportvisserijFrysl‚n. En komen die op voor onze belangen? Wiens brood men eet wiens woord men spreekt? Ons is als leden nog nooit naar onze mening gevraagd, en wij betalen hun salaris!